Pc-gebruik

Door de ontwikkeling van de oogbesturingstechniek is de nauwkeurigheid waarmee met de ogen iets aangewezen kan worden enorm toegenomen. Dit geeft mensen die voorheen niet meer adequaat met de computer konden werken nu weer de mogelijkheid om alle mogelijke computertaken uit te voeren.

Afhankelijk van de mogelijkheden van de gebruiker en de gebruiksdoelen zijn er verschillende oogbesturingsmethoden om pc-toepassingen uit te voeren. Ook voor de werkplek geeft dit een hoop nieuwe mogelijkheden.

Voor het uitvoeren van pc-taken zijn 3 verschillende bedieningsmethoden mogelijk.

Red Dot Tracking

In plaats van direct de muis te bedienen wordt er gewerkt met een methode waarbij de oogbesturingssoftware middels een indicator (meestal een rode punt) laat zien waar de gebruiker naar kijkt. In tegenstelling tot een muispijl beweegt deze indicator niet zo snel. De communicatiesoftware bestaat meestal uit een scherm met een aantal vakjes in een raster. In een vakje staat dan een letter of een functie. Zo lang de gebruiker binnen de omtrek van het vakje kijkt blijft de indicator in het midden van het vakje staan. Dit houdt de focus van de gebruiker op het vakje. De indicator verspringt pas naar een volgend vakje wanneer de gebruiker buiten de omtrek van het eerste vakje kijkt. Omdat red dot racking gebruik maakt van de communicatiesoftware om de pc te bedienen zitten er wel wat beperkingen aan deze manier van bedienen.

Windows Mouse Control

Windows Mouse Control is een methode waarbij de oogbeweging direct wordt vertaald naar de beweging van de muis op het scherm. Middels een menu op het scherm kunnen verschillende acties zoals klikken, dubbelklikken, slepen, vergroten of pauzeren gekozen worden. Het typen gaat middels een schermtoetsenbord. Wanneer dit toetsenbord geschikt is gemaakt voor het gebruik met oogbesturing dan wordt er binnen het oppervlak van het toetsenbord gewerkt met Red Dot Tracking, waardoor er met weinig moeite getypt kan worden.

Gaze Selection

Gaze Selection verdeelt het computerscherm in een kijkgebied en een menubalk, die de beschikbare functies toont. De menubalk bevindt zich rechts in beeld. In het kijkgebied gebeurt niets, totdat een functie is geselecteerd in de menubalk. Om bijvoorbeeld een muisklik uit te voeren, kijkt u eerst naar het icoon van de klikfunctie in de menubalk, om daarna in het kijkgebied naar het object te kijken dat u wilt aanklikken.

Voor elke actie in het kijkgebied is nu dus een extra oogbeweging nodig naar de menubalk. Dit werkt echter heel natuurlijk en maakt de bediening in de praktijk zelfs sneller. Voor het kiezen van een functie in de menubalk richt u de blik op het betreffende icoon om weer direct terug te kijken naar het kijkgebied. U hoeft uw blik dus niet enkele seconden op het icoon te fixeren, zoals bij Windows Mouse Control het geval is.

Groot voordeel van deze methode is bovendien dat u gewoon rond kunt kijken op het scherm en rustig teksten kunt lezen, zonder per ongeluk objecten aan te klikken.

Een unieke zoomfunctie maakt het mogelijk zelfs de kleinste gebieden op het scherm te selecteren. Zodra u een muisfunctie heeft gekozen en u kijkt naar een gebied op het scherm, dan zal dat gebied geleidelijk uitvergroot worden, zodat u steeds exacter naar het gewenste object kunt kijken. U blijft gewoon naar het object kijken, totdat de klik wordt uitgevoerd. Het is dus niet meer nodig de muiscursor te positioneren en deze een bepaalde tijd stil te houden om te klikken (dwellselectie). Zo wordt de computer volledig toegankelijk, zonder dat er nog een muiscursor aan te pas komt.

Naast de klikfunctie bevinden zich in de Gaze Selection menubalk iconen voor dubbelklikken, rechtsklikken, slepen en scrollen. Ook kan vanuit de menubalk een schermtoetsenbord worden geopend. Op het schermtoetsenbord verschijnt steeds onder de letter waarnaar u kijkt de tekenreeks die u aan het typen bent. Dit zorgt ervoor dat u weet wat u typt, terwijl u het typt, zodat u niet steeds op en neer hoeft te kijken van het document naar het toetsenbord.